Blauwe kont
Columns
boerenleven 21 blauwe kontDe 21e column van Irene Westeneng begint als een sprookje, maar de schijn bedriegt. Ook een onhandig, aandoenlijk kalfje groeit uit tot een echte zwaargewicht en dan kun je maar beter voorzichtig zijn terwijl je aan het werk bent in de stal...

Maak kennis met Ufanta 6, zie de close-up rechts!


Er was eens een kalfje met de mooie naam Ufanta 6. Al snel na de geboorte dronk ze gretig bij haar moeder. Maar er was wat aan de hand met de kleine; één van haar achterpootjes was te kort. In haar moeders buik had ze te lang met haar pootje opgetrokken gelegen en daardoor waren de pezen van het pootje niet voldoende gegroeid.


Oei, dachten de boer, de boerin en de dierenarts, gaat dat wel goed komen? Zich niet bewust van de ernst van de situatie hinkelde Ufanta vrolijk rond in het kraamhok. Veel oefenen met haar zei de dierenarts, dan ontwikkelt het pootje zich misschien nog. Wie ging dat doen? De boer en de dierenarts keken de boerin aan. De boerin knikte van ja, zij ging het proberen met Ufanta.

Tweemaal per dag kreeg het kalfje een zuigfles met lekkere warme melk. Dat smaakte naar meer vond de kleine. Ze sabbelde gretig aan de vingers van de boerin. Zo liepen ze samen rondjes door de kraamstal. Ufanta hinkelde behendig achter de steeds sneller lopende boerin aan. Om haar bij te kunnen houden ging de kleine ook haar te korte pootje gebruiken. Door die oefeningen rekten de pezen op en liep ze steeds beter.

Na een paar weken holden de boerin en het kalf samen door de stal. Ufanta kon zo goed lopen dat ze de boerin vaak inhaalde en als een stormrammetje tegen haar aan botste. De boer, de boerin en de dierenarts waren tevreden over haar vorderingen. Kleine Ufanta mocht nu met haar leeftijdgenootjes in een groot strohok gaan spelen. Na een paar maanden kon niemand meer zien dat zij ooit een te kort pootje had gehad. Ufanta zou opgroeien tot een mooie sterke melkkoe.

Eind goed, al goed, zou je zeggen. Voor Ufanta 6 is dat gelukkig ook zo. Voor mij, de oefenboerin, ligt dat iets anders. Inmiddels is de kleine meid 12 maanden oud. Het is een mooi pinkje geworden. Ze zit nu met haar leeftijdgenoten in een ander deel van de stal. Daar strooi ik dagelijks schoon zaagsel in hun ligboxen. Zo blijven de meisjes en hun ligplekken netjes en schoon. Ufanta is iedere dag blij me te zien en helemaal in de stemming voor ons oude spelletje. Om mij zover te krijgen dat ik meespeel ramt ze met haar koppie tegen mijn achterkant en dijbenen. Maar deze pijnlijke oefeningen ga ik echt niet meer met haar doen.

boerenleven 21 blauwe kont 012

Toen Ufanta geboren werd woog ze ongeveer 40 kilo. Nu weegt ze ietsje meer, zo’n 300 kilo. Het zijn dus flinke opdonders die ik van haar krijg. Ik heb er een blauwe kont en dijbenen van gekregen. Het is hoog tijd om haar dit gedrag af te leren. Want als ze dit als volwassen koe van 600 kilo nog steeds doet wordt het gevaarlijk voor ons. Ze krijgt nu steeds een ferme tik of een knietje als ze weer stormrammetje met mij speelt. Als ik dat consequent blijf doen zal ze dit gedrag wel afleren en dat is nodig ook.

Het houden van vee brengt namelijk altijd risico’s met zich mee. Vorige week las ik in de krant (AD, 4 januari 2012) dat twee broers in Hengelo waren gedood door hun eigen stier. Het waren mannen die al hun hele leven vee hielden. Ondanks al hun ervaring is het toch heel erg fout afgelopen voor de broers.
Als wij in de stal bezig zijn letten we dan ook altijd goed op. We kennen onze dieren en we gaan rustig met ze om, gevaarlijke situaties zijn zo vaak te vermijden. Maar echt veilig is het nooit, zoals blijkt uit een voorbeeld uit onze eigen praktijk.

Onze stier Gijs is ruim twee jaar oud. We hebben hem niet gefokt om koeien te dekken. Gijs heeft altijd een andere bestemming gehad. Hij gaat binnenkort de pan in, ónze pan welteverstaan. In het deel van de stal waar Gijs verblijft moet ik ook zaagsel strooien. Maar sinds juli vorig jaar zet ik Gijs wel eerst vast aan het voerhek voor ik daar aan het werk ga. Gijs was lang een leuk zwart droppie van een stiertje. Tot zijn hormonen flink actief werden. Alle dames Koe waren interessant voor hem. Ook op mij liet hij zijn charmes steeds meer los. Ik kon hem lang met mijn stem en een stevig stuk hout op een veilige afstand houden. Tot die dag in juli. Gijs trok zich niets meer aan van mijn vermaningen en ook die meppen op zijn eikenhoutharde kop hadden geen effect meer. Speels wees Gijs mij m’n plaats: met mijn rug tegen een hek en met zijn grote zwarte stierenkop tegen mijn buik stond ik klem. Gelukkig was Gert-Jan in de stal. Hij heeft Gijs afgeleid van mij, zodat ik snel over een hek kon klimmen.Ik heb geluk gehad: ik hield een paar dagen buikpijn over aan dit avontuur. Het had heel anders af kunnen lopen.

boerenleven 21 blauwe kont 001

Ufanta 6 leer ik haar streken af voor het echt gevaarlijk voor ons wordt. Ondertussen neem ik die beurse achterhand voor lief en heb ik een lekker zacht kussentje op mijn stoel liggen.
Laatst aangepast op dinsdag 24 januari 2012 18:19